Kraamtijd

Ook na de bevalling zijn wij verantwoordelijk voor de gezondheid en welzijn van jou en je kindje. Daarom komen wij in principe om de dag even op bezoek, tot de 7de, 8ste of 10de dag. Wij kunnen dan jou en de baby goed controleren en eventuele vragen beantwoorden en advies geven waar nodig. Na de bevalling spreken we met je af wanneer we weer langskomen. Als je in het ziekenhuis bent bevallen, onder begeleiding van de gynaecoloog, is het prettig dat je ons even belt dat je bent bevallen en wanneer je naar huis gaat. Aan het einde van de kraamweek dragen wij de medische zorg over aan de huisarts.

 

Matea_kind-4

 

Kraamverzorgende

De kraamverzorgster blijft de eerste uren na de bevalling bij jullie om jullie op weg te helpen en controles te doen bij moeder en kind. Een kraamverzorgende blijft ongeveer 8 dagen na de bevalling. Soms op indicatie blijft ze wat langer een 9e en 10e dag. Indicaties kunnen bijvoorbeeld zijn als je niet goed hersteld en er complicaties zijn of als er problemen zijn met het geven van de borstvoeding. Het standaard aantal uren kraamzorg wat je krijgt is 49 uur verdeeld over 8 dagen. Het maximaal aantal uren is 80 uur. Een kraamverzorgster helpt je bij de verzorging van de baby en begeleidt je bij het geven van borst- of flesvoeding. Daarnaast houdt ze jouw gezondheid in de gaten, controleert je temperatuur, pols en baarmoederstand, bekijkt je hechtingen en houdt het bloedverlies in de gaten. Ook bij je baby doet ze controles zoals het beoordelen van de temperatuur, huidskleur, navelstompje, gewicht, en het drinkgedrag. Daarnaast doet de kraamverzorgster ook een aantal huishoudelijke taken. De kraamverzorgende regelt eind het eind van de kraamweek de overdracht met het consultatiebureau. Vanaf dat moment is dat je aanspreekpunt als het gaat om de ontwikkeling en opvoeding van je kind.

 

Wijkverpleegkundige en consultatiebureau

Rond de 4eof 5e dag na de bevalling krijg je bezoek van de wijkverpleegkundige voor het bekende hielprikje. Ze neemt bloed af via de hiel bij de baby en dat wordt gecontroleerd op een aantal zeldzame ziektes. Zie voor meer informatie: www.rivm.nl/hielprik. Daarnaast neemt ze ook een gehoortest af bij je kindje.

Na ongeveer twee weken komt de wijkverpleegkundige van het consultatiebureau bij jou thuis langs voor het intakegesprek en geeft je informatie over het consultatiebureau. Het consultatiebureau neemt de zorg van je kindje vanaf dit moment over.

 

Borstvoeding

Borstvoeding is de meest natuurlijke en gezonde voeding voor een baby. Borstvoeding draagt niet alleen bij aan de ontwikkeling van je baby, maar ook aan zijn gezondheid én die van jou. Het is niet alleen gezond, maar ook praktisch. Je hebt het namelijk altijd bij je, is altijd op de juiste temperatuur, is hygiënisch, je baby bepaalt zelf hoeveel hij drinkt en bovendien is borstvoeding gratis. Als praktijk vinden wij het geven van voorlichting over borstvoeding en het begeleiden bij borstvoeding erg belangrijk. Om dit belang extra te benadrukken hebben wij ons borstvoedingscertificaat behaald. Al tijdens de zwangerschapscontroles geven wij informatie over borstvoeding. Je krijgt een informatieboekje mee over borstvoeding, waar veel handige informatie en tips in staan. Meteen na geboorte helpen we je samen met de kraamverzorgende bij het geven van borstvoeding. Het eerste uur na de geboorte wordt er tussen moeder en kind huid-op-huid contact gemaakt. De meeste baby’s gaan dan vanzelf op zoek naar de borst want een baby heeft een natuurlijke reflex om te gaan drinken. Je merkt dit aan de happende beweging en je ziet dat hij met zijn mondje de borst zoekt. Je baby drinkt meestal bij het eerste keer aanleggen al wat. Deze eerste borstvoedingsmelk wordt colostrum genoemd. Deze melk is heel voedzaam en er zitten veel stoffen in die je baby beschermen tegen ziekten. Het is niet erg als je baby niet meteen na de bevalling drinkt. Vaak moeten baby’s nog bijkomen van de bevalling of ze zijn nog misselijk. Drinkt je baby goed, dan krijgt hij al snel de rijpere moedermelk binnen. Hij drinkt dan meer en krijgt zo ook voldoende beschermende stoffen binnen.

 

Aanleggen

Borstvoeding geven doet als het goed is geen pijn. In het begin kan het aanhappen van de baby wat gevoelig zijn aan je tepels, dit is normaal. Aan de toeschietreflex moet je misschien ook even wennen. Deze reflex zorgt ervoor dat de spieren rondom de melkcellen de melk door de melkgangen spuiten. Je hebt deze altijd in allebei je borsten. Toch kan het drinken van de baby soms pijn doen. Meestal is dit het gevolg van verkeerd aanleggen.

Je baby ligt goed aan de borst als:
– De buik tegen jouw buik ligt
– De tepelhof in zijn mondje verdwijnt
– Het neusje en kin je borst raken
– De onderkaak op en neer beweegt
– De wangen bol zijn en zonder kuiltje
– Het hoorbaar slikt
– Het tongetje onder de tepel zit
– Het mondje wijd open is.

 

Groeien

We controleren of de baby goed drinkt door de baby dagelijks te wegen. De kraamverzorgende weegt je baby. Het is normaal dat de baby de eerste dagen iets afvalt, om vervolgens weer te gaan groeien. De meeste baby’s zijn met 2 weken weer op geboortegewicht. Na de kraamtijd kun je altijd naar het inloopspreekuur van het consultatiebureau gaan om je kindje te laten wegen.

 

Stuwing

Na een paar dagen komt de borstvoeding normaal gesproken goed op gang. Je lichaam stuurt ook meer bloed en vocht naar de borsten, dit heet stuwing. Hierdoor kunnen je borsten pijnlijk en gezwollen aanvoelen. Het is normaal en gaat ook weer over. De ergste stuwing kun je voorkomen door de baby de eerste dagen en nachten vaak te laten drinken. De stuwing verdwijnt zodat de melkproductie is afgestemd op de behoefte van je baby.

 

Kunstvoeding

Kunstvoeding is een goed alternatief voor borstvoeding, als het geven van borstvoeding door omstandigheden niet mogelijk is, of als je besloten hebt om kunstvoeding te gaan geven. De kraamverzorgster zal je in de kraamweek leren hoe je je kindje flesvoeding geeft.

 

Vitamine K

Na de geboorte krijgen alle baby’s vitamine K. Deze vitamine maakt je baby zelf nog niet of onvoldoende aan. Vitamine K is nodig voor een goede bloedstolling. Met deze hoeveelheid kan hij een week vooruit. Pas na 3 maanden maken baby’s zelf vitamine K aan. Als je volledig borstvoeding geeft dan moet je vanaf dag 8 na de geboorte tot je baby 3 maanden is, elke dag vitamine K druppels geven. Wanneer je baby flesvoeding krijgt dan hoef je geen vitamine K te geven vanaf de 8e dag. In flesvoeding zit namelijk al voldoende vitamine K.

 

Vitamine D

Of je nu borst- of flesvoeding geeft, vanaf de 8e dag na de bevalling heeft de baby ook extra vitamine D nodig. Vitamine D is nodig om calcium uit de voeding in het lichaam op te nemen. Het is belangrijk voor de groei en het behoud van stevige botten en tanden. Deze druppels heeft je kindje nodig totdat hij of zij 4 jaar is.

 

Geboorteaangifte

Wanneer de baby geboren is dan ben je verplicht het kind binnen 3 werkdagen na de geboorte aan te geven bij de gemeente waarin het kind geboren is. Dat is dus niet perse de gemeente van je woonplaats. De geboortedag zelf telt niet mee voor de aangiftetermijn, ook het weekend en erkende feestdagen vallen daar niet onder.

 

Meenemen
Je hoeft de baby niet mee te nemen voor de aangifte. Je hebt wel de volgende documenten nodig:
– Een paspoort of ID-bewijs van degene die aangifte doet
– Een paspoort of ID-bewijs van de moeder

Eventueel:
– Geboortebericht van de arts of verloskundige
– Akte van erkenning
– Akte van naamskeuze (als bij erkenning voor de geboorte is vastgesteld welke achternaam je kindje krijgt)
– Trouwboekje (als je getrouwd bent wordt jullie kind bijgeschreven in het trouwboekje, dit is niet verplicht)

Na de aangifte maakt de ambtenaar van de gemeente maakt een geboorteakte op, die wordt opgenomen in de registers van de burgerlijke stand. Dit is het juridische bewijs van de geboorte van je kind. Na de aangifte krijgt het kind direct een Burgerservicenummer (BSN). Ook wordt hij ingeschreven in de Gemeente Basisadministratie persoonsgegevens (GBA).

 

Nacontrole

Rond 6 weken na de bevalling ben je van harte welkom voor een nagesprek of ‘nacontrole’. Het kan fijn zijn om door middel van een nacontrole de zorg van onze praktijk af te sluiten. Tijdens deze controle is er ruimte om de bevalling nog eens door te spreken en vragen te beantwoorden. Ook kunnen er nog een aantal dingen gecontroleerd worden, zoals je bloeddruk, je Hb gehalte en we kunnen kijken of de hechtingen goed genezen zijn. Of je op nacontrole komt mag je zelf beslissen. Wel raden we je zeker aan om langs te komen als je nog vragen hebt over de bevalling, last hebt van de hechtingen of nog bloedverlies hebt rond 6 weken na de bevalling.

 

Vruchtbaarheid

Ongeveer 6 weken na de bevalling kun je weer gemeenschao hebben omdat je baarmoeder dan weer hersteld is en het bloedverlies is gestopt. Je kunt dan wel weer voor het eerst menstrueren en dus ben je weer vruchtbaar. 4 weken na de bevalling kun je alweer zwanger worden. Na 6 weken ben je echter nog niet ontzwangerd. Hier doe je ongeveer 9 maanden over.  Als je niet het risico wil lopen direct weer zwanger te worden bedenk dan hoe je dit wil voorkomen.

De eerste menstruatie kan vanaf 6 weken weer op gang komen. Het kan ook nog maanden wegblijven. Ongeveer 2 weken voordat je ongesteld wordt, vindt de eisprong plaats. Daardoor kun je al vruchtbaar zijn zonder dat je het weet. Het is dus aan te raden om al vrij snel na de bevalling over anticonceptie na te denken. Als je niet gelijk weer zwanger wilt worden zorg dan dat je anticonceptie gebruikt bij de eerste gemeenschap na de bevalling. Het geven van volledige borstvoeding (inclusief de nachtvoeding) kan de kans op een nieuwe zwangerschap aanzienlijk verkleinen maar niet uitsluiten.

 

Anticonceptie

Welke anticonceptiemethode het best bij jou past hangt af van verschillende dingen. Geef je bijvoorbeeld borstvoeding of wil je snel weer zwanger worden, dan zal de keuze verschillend zijn voor de voorbehoedsmiddelen Welke middel het beste is, verschilt per persoon en situatie. Meer informatie vind je ook op www.anticonceptiekompas.nl en www.anticonceptie.nl.

Simone